concertverslag

Flying Horseman verbluft met virtuoze voodoo

Cause the night time is the right time…” Nee, we staan niet midden in de nacht naar een adembenemend goede band te kijken in de kleine zaal van het Leidse Gebr. De Nobel. Maar het Antwerpse Flying Horseman kiest zo’n zestig jaar oude tekstflard van Ray Charles in openingsnummer Faithfully Yours natuurlijk niet voor niets. De broeierige en boordevol spanning zittende muziek van Antwerpenaar Bert Dockx en zijn vijf begeleiders verdraagt het daglicht slecht en is bij uitstek geschikt voor het holst van de nacht. “…and the fear strikes hard.”

Faithfully Yours is een van de hoogtepunten op het nieuwste, vierde Flying Horseman-album Night Is Long, dat eind vorig jaar verscheen. Op dubbelaar City Same City uit 2013 leek de intrigerende mix van composities in duistere postpunksferen, dwarse afropopritmes, bluesy gitaarwerk en Nick Cave and the Bad Seeds-achtige erupties al tot volle wasdom gekomen, maar op Night Is Long heeft Flying Horseman het gepresteerd om nog meer bij vlagen verschroeiende intensiteit in de muziek te stoppen.

Daar is die kalm tot bloeiende concertopener Faithfully Yours meteen een goed voorbeeld van. Door een slepend ritme en ijle synths is de sfeer vanaf de start prettig unheimisch, waarna Dockx en de rest van de band binnen luttele minuten de druk en intensiteit op uiterst beheerste wijze weten op te voeren met vernuftig in elkaar gevlochten gitaarpatronen. En als Flying Horseman je met deze aanpak al niet te pakken heeft, dan wel met een werkelijk magnifiek muzikantschap. Dat Dockx een formidabel gitarist is – ook actief in Dans Dans – mag intussen bekend zijn, maar het is fraai om te zien hoe hij nog altijd volledig op kan gaan in zijn spel en geheel eigen stijl.

Naast Dockx is drummer Alfredo Bravo op rechts de grootste attractie bij Flying Horseman-concerten. Zoals hij in bijvoorbeeld City Same City-nummer We Care met de grootste souplesse zeer complexe patronen aan elkaar slaat en de voltallige band zo vooruit stuwt, is een genot voor oog en oor. Dat laatste geldt ook voor de geconcentreerde, tevens synths en percussie spelende achtergrondzangeressen, die steeds onverwacht kunnen toeslaan met loepzuivere, sirene-achtige uithalen. Het geeft de muziek van Flying Horseman nog iets meer mystiek mee.

Het rusteloze We Care bevindt zich in de tweede helft van de set, evenals de uitgesponnen hoogtepunten van dat jongste album. Twaalf minuten klokkende titelsong krijgt live de venijnige uitbarsting die op plaat na minutenlang opbouwen toch vrijwel uitblijft, om daarna vlekkeloos over te gaan in furieuze acht minuten-single Money. Dit is misschien wel het meest intense Flying Horseman-stuk tot op heden, niet in het minst door een razendknappe ritmiek. Halverwege komt de boel gedurfd tot stilstand, om daarna via dat bedrieglijk tegendraadse roffelritme van Bravo de draad weer op te pakken voor een laatste heftige climax.

Dat is wat Flying Horseman live met je doet: je verbazen met muzikale virtuositeit terwijl je intussen alle hoeken van een duistere steeg te zien krijgt. Komend voorjaar is deze virtuoze voodoo te ondergaan op enkele Nederlandse festivals: Motel Mozaïque in Rotterdam (8 april), Here Comes The Summer op Vlieland (6 mei) en Vestrock in Hulst (3 juni).

  • Joris op vr. 19 februari 2016, 12:10 uur


comments powered by Disqus