concertverslag

Een rondje Noorderslag 2016: 'Best goed voor een industriefeestje, niet?!'

Als een driedaagse invasie van Groningen door enkele honderden bands uit heel Europa weer voorbij is, dan is het de dag na Eurosonic nog één maal volledig de beurt aan de Nederlanders op Noorderslag in alle zalen van de Oosterpoort. Altijd weer een goed moment om eens te kijken hoe de artistieke vlag erbij hangt in het land waar New Wave de Popprijs wint.

Nu ja, een discussie daarover gaan we hier niet uitgebreid voeren, daar heeft Aafke Romeijn wat ons betreft met een effectief blog al een punt achter gezet. Laten wij ons vooral richten op de kwaliteit die Noorderslag een avond lang te bieden heeft (ach, doen we het toch).

De avond begint met Yakumo Orchestra: het duo Chris Mulder en Atser Damsma dat samen Yakumo vormt met het Orchestra: een zangeres, drie blazers, een xylofoon en percussie. Een combinatie die live uitstekend werkt: Mulder en Damsma dragen de tracks met hun langzaam veranderende melodieën, maar het zijn de aanvullingen van xylofoon en percussie die de tracks zo zonnig maken dat je verrast bent als de zangeres de zaal in accentloos Nederlands toespreekt. Even vergeten dat dit Noorderslag was. Als de geluidsman de volumeknop van de blazers wat verder zou open draaien en zij op een groter podium zouden staan met wat meer bewegingsruimte, dan kan het alleen maar leuker worden.

Amber Arcades heeft nog deze week de internationale aandacht op zicht gevestigd dankzij een platendeal met het Londense label Heavenly Recordings en de nieuwe track Turning Light. De Marathonzaal staat dan ook helemaal vol als zij aan haar optreden begint. De poeslieve dreampop die ze ten gehore brengt, komt niet als een mokerslag binnen, maar weet wel van begin tot eind te boeien. Dan is Tamarin Desert nog een stap minder ver in de carrière. Het Eindhovense viertal weet een prettige middenweg te vinden tussen stoner en psychedelische rock – niet de laatste in dit genre vanavond – en komt ontspannen over. Iets te ontspannen misschien wel, want de muziek mist live nog wat overrompelende overtuigingskracht.

Dat kan niet gezegd worden van Dazzled Sticks. Hoewel een nog relatief jonge samenwerking tussen Sticks (van Opgezwolle) en Tjeerd – Dazzled Kid – Bomhof, zijn zij waarschijnlijk de meest ervaren performers van de avond. Ze brengen hun set met veel overtuiging en als een goed ingespeeld duo. Toch hebben ook zij het het eerste kwartier van hun optreden wat moeilijk. Dat ligt niet alleen aan hen: Noorderslag is toch ook een wat vreemd feestje. Eurosonic Noorderslag trekt als showcasefestival immers een heel ander, diverser publiek dan elk ander festival in Nederland. Professionals uit de muziekbusiness – van boekers tot managers en festivaldirecteuren – maken een belangrijk deel uit van het publiek en hun houding is tijdens concerten toch wat anders dan die van de fan die enkel vermaakt wil worden.

Dat én de wat rustiger nummers waarmee Dazzled Sticks aftrapt, maken dat het publiek wat terughoudend is. Totdat de twee Hooligans in Bloomingdale inzetten: Sticks zegt dat hij nu het energieniveau ‘een leveltje hoger’ wil zien en de zaal met twee vuisten in de lucht alsnog luidkeels meezingt: ‘Fuck it allemaal!’ Zo doe je dat, als performer. En dan moet het hoogtepunt nog komen. In een schaars verlichte setting brengen Sticks en Bomhof een nieuwe, dreigende track, die anders klinkt dan de lichtvoetiger liedjes op hun album. De afsluiter met Dans is dan een inkoppertje. Of zoals Sticks zegt: 'Voor een industriefeestje best goed, niet?!'

Pauw is de volgende band die zijn strepen in vrij korte tijd al heeft verdiend. Toch staat de psychedelische rockband al snel voor een halflege zaal te spelen. De hoi polloi zijn namelijk op weg naar de uitreiking van de Popprijs in de Grote Zaal (om daar bij het eerste lied van New Wave weer te vluchten). Zij missen daardoor een sterk spelend en zwaar ronkende Pauw. Als ze tegen het einde een vlammende jam spelen, schiet het op eens te binnen: als je geen kaartjes hebt voor Tame Impala in de HMH, kun je misschien net zo goed naar een show van deze Nederlandse trots gaan. Hoewel, daarmee vergeleken mist Pauw nog wel wat herkenbare, opzwepende popmelodieën die voor de ware euforie zorgen. Wat niet wegneemt dat Pauw als geheel staat als een huis.

My Baby begint ook met zijn psychedelische kant. Cato van Dijk, haar broer Jaco en Daniel 'Da Freez' tillen hun opener in enkele minuten op naar een four-to-the-floor stamper. Maar daar blijft het dan wel bij. De spanning die in de eerste track zo sterk werd opgebouwd, zakt daarna razendsnel in. Jammer.

Dan maar snel door naar de Kelder van de Oosterpoort waar Go Back To The Zoo als St. Tropez zijn reïncarnatie beleefd. En wat voor één. Bassist Lars Kroon is nu bassist-zanger Lars Kroon en dat komt de band ten goede. In het blauwe licht lijkt hij door zijn bleke gezicht en blonde haar bijna doorzichtig, zoals zijn schelle oerkreten bijna door het publiek heen gaat. Tel daarbij op dat hij in zijn enthousiasme wel drie keer met zijn bas het publiek in springt en zelfs al crowdsurfend door blijft spelen.

Bovendien zijn de liedjes ook dik in orde. St. Tropez is minder zonnig dan de bandnaam doet vermoeden en laveert tussen psychedelisch – zien we de trend al? – stoner en meer recht-toe-recht-aan garagerock, waarbij vrijwel elk nummer wel iets moois in zich heeft: een mooie basriff, een vette groove of een langere jam. En ze brengen het met een overtuiging alsof ze nooit iets anders dan dit hebben gedaan. St. Tropez is daarom zoveel meer dan enkel Go Back To The Zoo 2.0. Ook u, kritische Kicking the Habit-lezer, kunt zonder gêne naar dit viertal gaan kijken.

Nog een trend: Dance wordt tegenwoordig zo veel mogelijk live uitgevoerd, want de opstelling met twee nerds achter een MacBook en een synthesizer hebben we nu wel gezien. Het eerder genoemde Yakumo Orchestra en het ook in Groningen aanwezige Polynation passen in die trend. Net als Haty Haty, een nieuw samenwerkingsverband van Blaudzun en producer David Douglas. Johannes ‘Blaudzun’ Sigmond begint daarmee weer helemaal onderaan de ladder, in de kleine, maar toch niet helemaal volle CBK-zaal. Helemaal vreemd is dat niet, want behalve zijn stemgeluid is er werkelijk niets dat herinnert aan de muziek van Blaudzun. Douglas gooit er de zwaarste bassen uit met staccato, piepende melodieën waar Blaudzun met overslaande stem overheen zingt. Het is langzame elektro die jammer genoeg nog niet iedereen aan het dansen krijgt. Maar goed, het is ook nog maar het vierde optreden van de twee.

Dus: hoe staat de vlag erbij in Nederland op basis van deze reeks gespotte acts? Behoorlijk goed eigenlijk. Logischerwijs gaat veel van de aandacht uit naar de Popprijs voor New Wave, maar laten we het op z’n minst eens worden dat het terechte erkenning voor hiphop in Nederland is. Want behalve voor Dazzled Sticks zijn de reacties in de Groningse wandelgangen op de sets van De Likt en Fresku ook laaiend. Inderdaad, voor hen wel.

Ook in de dansbare hoek gebeurt veel moois, vooral in de live gebrachte versie daarvan. En dan hebben we in de psychedelische hoek genoeg interessante bands, en is Pauw al bijna een gevestigde naam. Het is komend jaar dan ook interessanter om te zien hoever Amber Arcades en St. Tropez het zullen schoppen. Krijgen zij volgend jaar een groter podium in Groningen?



comments powered by Disqus