recensie, aaa-list

Review: Dilly Dally - Sore

Wie durft Katie Monks aan? “I want you naked in my kitchen, making me breakfast…” Dat kan op papier een aanlokkelijke uitnodiging zijn van de Dilly Dally-zangeres, tenzij je schrik hebt van een rauwe, overslaande en soms goed bezopen klinkende zangstem. Monks smacht op dit sterke debuutalbum Sore van een destructief soort verlangen, kijkt intussen niet op een bloedende lip meer of minder (of tong, zie de hoes) en weet getuige killer single Purple Rage als geen ander wat paars zien van woede inhoudt. Geen Desire zonder blauwe plekken, kortom.

Dat Sore zo'n goede debuutplaat is geworden, is vast mede te danken aan het feit dat de band al sinds 2009 bestaat. Al die tijd speelden Monks en. met wisselende bassisten en drummers iedere zaal en kroeg van Toronto en omstreken aan gort. Die gemaakte vlieguren hoor je duidelijk af aan Sore, goeddeels live opgenomen in een inmiddels vaste en hard spelende bezetting.

Het zijn Monks’ directe schorre uithalen – ‘I never meant to hurt yououou…’ – die de muziek van Dilly Dally dat extra onberekenbare, scherpe randje geven, hoewel de poppy deuntjes nooit uit het oog verloren worden. Dat, en een elftal heerlijk rauw vastgelegde rocksongs met knipogen naar de vroegere Strokes (een van de eerste invloeden van de band) en Yeah Yeah Yeahs, maar ook oer-indielievelingen als Pixies en The Breeders.

Pixies? Jawel, Frank Black en co. kun je terughoren in de mengeling van vlijmscherpe gitaarpartijen over kalme, bijna nonchalante baslijnen, zoals in opener Desire, maar ook in een langzamer slepend nummer als Get To You. Dat is een soort ver nichtje van Where Is My Mind?, maar dan wel met een verzengende noise-explosie halverwege. Dat extra kracht geven in climaxen kun je sowieso wel aan Dilly Dally overlaten, geleerd van Yeah Yeah Yeahs. Hoor alleen al hoe het refreintje van stuwende rocker Purple Rage tegen het einde prachtig wordt opgeblazen, mede dankzij producer Josh Korody (o.a. Fucked Up).

Een van de oudste liedjes op Sore is nog steeds een van de beste: in de dampende punkrock ‘n’ roll van Green – met dat eerder aangehaalde naakte ontbijt klaarmaken – hoor je nog iets van oude invloed The Strokes door. Maar dan wel in een bezeten vorm, zoals je die New Yorkers al jaren niet meer hoort, terwijl Monks zich met een dronkevrouwszangpartij aan het einde flink laat gaan. Een uitnodiging tot onbesuisd meeschreeuwen is het ook, wat ook perfect kan met eerdere singles Desire en Ice Cream.

Denk je alle konijnen uit de hoed van Dilly Dally in een half uur te hebben gezien, is er nog een soort gemankeerd lieftallige pianoballade aan het slot, paradoxaal Burned By The Cold getiteld en grommend gezongen. Dat opent perspectieven voor verdere muzikale ontwikkeling in de toekomst, maar voor nu hopen we vooral dat Dilly Dally voorlopig zijn zalig rauwe zelf blijft. Zo rauw, dat je er een beetje pijn op gevoelige plekken aan mag overhouden.

Sore is uit via Buzz Records en staat op Spotify. Op vrijdag 15 januari 2016 is Dilly Dally in Amsterdam voor een optreden in De nieuwe Anita, via Subbacultcha!

Ohjee, we kunnen de media niet weergeven.

http://subbacultcha.nl/event/dilly-dally/

  • Joris op ma. 2 november 2015, 17:07 uur


comments powered by Disqus