recensie, aaa-list

Review: Björk - Vulnicura

Liefdesverdriet is iets voor pubers, zegt u? Neen: ook in je veertiger jaren – en ongetwijfeld ook op hogere leeftijd – kan het einde van een lange relatie verpulverend hard aankomen. Tot de eerste interviews met Björk van afgelopen januari wisten veel fans waarschijnlijk van niets, maar haar breuk met kunstenaar Matthew Barney in september 2013 hakte er buitengewoon heftig in. Zo heftig dat de zangeres na de trip door de volledige kosmos op Biophilia van drie jaar eerder voor nieuwe muziek niets anders kon doen dan zo dicht mogelijk bij huis en zichzelf te blijven. Met als eindresultaat Vulnicura: een indrukwekkende en uitzonderlijk openhartige scheidingsplaat die je haar pijn laat meevoelen. Maar niet zonder een – zoals gewoonlijk bij Björk – bijzondere, niet eerder gehoorde muzikale omlijsting.

Wonderlijk hoe dingen soms lopen. Terwijl Björk afgelopen jaar de pijn nog van zich afschreef, voor haar nieuwe album zelf leerde arrangeren voor zo’n vijftien strijkers en er een overzichtstentoonstelling van haar werk in het New Yorkse MOMA werd aangekondigd (die inmiddels geopend is), meldde Alejandro Ghersi a.k.a. Venezuelaans producer Arca zich om met haar te werken, na eerder het debuut van FKA Twigs van vorig jaar van een baanbrekend geluid te hebben voorzien.

De muzikale klik was zodanig dat hij zeven van de negen nieuwe songs produceerde en bovendien meeschreef aan twee van de zwaarste songs: Family en Notget. Een andere toonaangevende hulpkracht bij Arca’s vormgeving van het totaalgeluid op Vulnicura: The Haxan Cloak, maker van de donkerste geluidscollages, die enkele tracks mixte. De strijkersarrangementen en – net als op vorige platen – de beats creeërde Björk zelf, wat geregeld combinaties van duizelingwekkende ritmes met wonderschoon drama oplevert.

En dan is de toon in de zwierig gearrangeerde plaatopeners Stonemilker en Lionsong nog relatief optimistisch en kalm, met beats en strijkers die haar werk op oudere albums Homogenic (1997) en Vespertine (2001) memoreren. In de opening van Vulnicura houdt Björk zich nog vast aan de hoop dat het allemaal wel goed zal komen, mogelijk tegen beter weten in. “Maybe he will come out of this loving me”, zingt ze in Lionsong, terwijl ze even daarvoor in Stonemilker nog op dwingende toon ‘emotional respect’ van haar geliefde eist.

Het mag niet meer zo zijn: tijdens die allerlaatste keer samen in een bed in History Of Touches wordt al het lichamelijke contact en alle vrijpartijen uit het verleden nog één keer herinnerd (‘Every single fuck we had together is in a wondrous time lapse with us here in this moment.’) Puur verdriet en vertwijfeling sijpelen met scheuten tegelijk door in tien minuten durend centerpiece Black Lake. “My shield is gone, my protection taken, I am one wound […] “Did I love you too much?” klinkt haar triestige stem, terwijl halverwege diepe subbassen haar woorden kracht bij zetten en net niet overstemmen. Nooit eerder was Björk zo persoonlijk en was de hysterische vrolijkheid van bigbandhit It's Oh So Quiet zo ver weg.

Verdriet maakt plaats voor woede en verwijten in het donkerste en muzikaal meest wispelturige stuk op Vulnicura: Family, waarin de bikkelharde dreunen van The Haxan Cloak de fundering vormen voor schriele strijkers en boosheid in Björk’s zang: “Is there a place where I can pay respects for the death of my family?” Als na deze stadia berusting en genezing van die wond in de borst volgen, duwen de staccato strijkers en subbassen van Notget deze gevoelens er opvallend grillig doorheen. De muziek ramt er als het ware in hoe er zonder pijn geen genezing kan zijn en dat zoiets als spijt van zogenaamde verspilde jaren echt niet mag bestaan. “If I regret us, I’m denying my soul to grow. Don't remove my pain, it is my chance to heal.

Genezing die voortduurt met hulp van Antony Hegarty in het op ongelijke maatsoorten en strijkerspatronen drijvende Atom Dance, tot aan de eerste gevoelens van zoiets als bevrijding in de op rusteloze, weirde beats-in-overdrive gebouwde afsluitende tracks Mouth Mantra (‘I am not hurt’) en Quicksand (‘Our mother's philosophy, it feels like quicksand. And if she sinks, I’m going down with her’).

Zij die niet van loodzwaar drama houden, zullen aan Vulnicura een te zware dobber vol vermeende aanstelleritis hebben. So be it. Zij die hun drama het liefst verpakt krijgen in altijd avontuurlijke, wonderlijke composities van beats, strijkers, synths en Björk’s nog altijd unieke zang, kunnen niet anders dan een uur lang onverbiddelijk meegesleept worden. Intussen een beetje meevoelend met de zangeres, via muziek van de toekomst die niet voor de weekhartigen is, op een van haar beste platen.

Vulnicura is na de gehaaste iTunes-release van eind januari vanaf vrijdag ook in winkels te vinden op cd en vinyl, via One Little Indian/Konkurrent. Lees hier een groot interview met Björk over het maken van Vulnicura door Pitchfork. Kijk hieronder naar de nieuwe Lionsong-video.

  • Joris op wo. 11 maart 2015, 21:00 uur


comments powered by Disqus