Review: Mount Eerie - Clear Moon / Ocean Roar
Het was alweer drie jaar geleden dat er nieuw werk van Mount Eerie verscheen. En zoals wel vaker bij het project van de Amerikaan Phil Elverum: als het eenmaal zover is, houdt hij zich niet in. Zo verschenen in 2008 zowel het rustgevende Lost Wisdom, samen met zangeres Julie Doiron als Dawn, een plaat met prachtig boekwerk en foto's die verhalen over een tijd doorgebracht in pure eenzaamheid in een afgelegen blokhut. inderdaad, hebben we eerder gehoord, maar zelden met zo’n resultaat. En dan gaf hij een klein jaartje erna ook nog eens Wind's Poem uit, geïnspireerd door black metal en met een interessante samenhang tussen folk en meditatieve, verstorende distortion en drones.
Daarna was het even stil rond Elverum - die overigens tot 2003 door het leven ging als The Microphones en daarmee het adembenemende meesterwerk The Glow Pt. 2 uitbracht. Totdat hij eerder dit jaar nieuw werk aankondigde. Jawel, een tweeluik maar liefst: Clear Moon en Ocean Roar. De eerste is een verzachtende, maar soms ook onheilspellende folkplaat en die tweede een diverser, maar niet minder indrukwekkend hoofdstuk. Nu ze allebei uit zijn, kan de conclusie niet anders zijn dan een Triple AAA-review. Dit zijn platen die je niet los willen laten, ongrijpbaar als ze allebei zijn.
Clear Moon verscheen al eind mei. Wie de plaat opzet, zal meteen herkennen met Mount Eerie van doen te hebben: zacht tokkelende akoestische gitaren, rustgevende, wollige percussie en de warme fluisterstem van Elverum waar altijd vertwijfeling in lijkt te schuilen. In het eerste nummer Through the Trees pt. 2 lijkt hij het vak als songschrijver op de hak te nemen: 'Misunderstood and disillusioned/I go on describing this place/And the way it feels to live and die'. Behalve dat hij het zonder enige vorm van ironie en zo mistroostig brengt, dat het je rillingen bezorgd. Het nummer bouwt groots op als drums, bas en galmende elektrische gitaar uiteindelijk invallen. Dit is meer dan een folkliedje; een nummer dat met de grootste zorg is opgebouwd en waarbij de samenzang met zangeres Allyson Foster als een verlossing komt.
Die mooie opening wordt direct op de hielen gevolgd door het duistere en onheilspellende The Place Lives, dat zo op een album van Liars had kunnen staan. Psychedelische, vervreemdende effecten en barstende gitaarerupties die over hun nek gaan van de distortion vliegen voorbij. Daarna wordt die sfeer nog eens een extra doorgezet met The Place I Live, met zwierige synths die in het donker rond lijken te spoken en gitaren die langzaam opbloeien en weer afsterven.
Elverum doet het vaker op zijn platen: van het ene naar het andere uiterste switchen in een handomdraai, zonder dat het geforceerd klinkt. Alles is overduidelijk tot stand gekomen met de signatuur van Mount Eerie. Die verschillen in sferen maken juist dat je wilt blijven luisteren, van kort tussendoortje tot langer, uitgerekte stukken: telkens ben je benieuwd welke wending de platen nu weer nemen. Zo val je op Clear Moon makkelijk vanuit de steady, rechtdoor gaande motorische groove van het tegen krautrock schurkende House Shape in de dromerige mystiek van het titelnummer dat zich hult in een dikke laag mist.
Hetzelfde geldt zeker voor tweede album Ocean Roar, dat officieel begin september uitkomt. Hoewel de muzikale basis voor die plaat meer lijkt te liggen bij de eerder opgedane black metal-invloeden dan de introverte folk op Clear Moon. Het album opent met het dreigende Pale Lights. Gruizige gitaarmuren dringen je oren binnen, terwijl de dramatiek verder wordt aangezet met een flinke dosis bas en toetsen. Net als je denkt dat het nummer definitief door blijft denderen, verdwijnt de muziek helemaal naar de achtergrond. Op de voorgrond verschijnt de verhalende zang van Elverum, slechts begeleid door klopjes op een marimba. Terwijl je ver op de achtergrond nog net de muziek hoort doorgieren.
Ook hier is het weer een wereld van verschil op het bijna lieflijke titelnummer dat volgt, waarin zelfs een schattig kinderkoor ('Allright! Yay!') voorbijkomt, samen met uitbundig geklap. Binnen drie nummers is Mount Eerie daarna overigens weer net zo makkelijk terug bij de grootste herrie die het ooit heeft voortgebracht met Waves en Engel Der Luft (Popol Vuh). Tot slot brengt een zeven minuten durend instrumentaal stuk met schel en overstuurd gitaargeluid Ocean Roar definitief tot een einde. Voor alle drie die tracks geldt: een betere combinatie van Can, My Bloody Valentine en metal kom je niet snel tegen. Ocean Roar is daarmee een best gewaagde zet, en doet en qua gruizigheid nog een flinke stap bovenop ten opzichte van dat eerdere Wind’s Poem. Het resultaat is in ieder geval verslavend en je kunt Mount Errie alleen maar prijzen voor zoveel avontuurdrift.
Over alles ligt een zweem van mysterie op deze twee platen, waardoor je er telkens nét geen grip op lijkt te krijgen. Op dat soort momenten in Mount Eerie altijd al op zijn best, en Clear Moon en Ocean Roar zitten beiden vol met dat soort momenten. Ook na meerdere keren luisteren. Tegelijkertijd zijn de platen toch ook niet moeilijk te behappen, verre van zelfs. Het maakt dat je terug blijft keren naar dit tweeluik. Clear Moon en Ocean Roar zijn platen als ongrijpbare en ondoorgrondelijke dromen, die je maar niet los lijkt te kunnen laten.
Clear Moon is inmiddels uit en ook hieronder te beluisteren via Spotify. Ocean Roar komt begin september uit, en kun je nu alvast bestellen op de site van Mount Eerie.



