concertverslag, nieuws

Le Guess Who? May Day: Cloud Nothings schopt veel harder dan Willis Earl Beal

Joris, Maandag 28 05 2012, 13:18

Le Guess Who? May Day: Cloud Nothings schopt veel harder dan Willis Earl Beal

Dylan Baldi (Cloud Nothings). Foto: Georgia Kral (CC)

Mooi is dat. De heren achter het Utrechtse Le Guess Who?-festival besluiten een eendaagse mei-editie als welkom voorjaarstussendoortje te houden, maar programmeren het zaakje ook nu weer zo scherp dat je je weer in drieën zou willen splitsen... En omdat dit onmogelijk is, stel je prioriteiten en weet je bij voorbaat al dat optredens van Sleepy Sun en Bear In Heaven in EKKO of dat leuke Weird Dreams in ACU voor een volgende keer zullen zijn.

Een avond Tivoli aan de Oudegracht wordt het dus, zonder zappen, om in plaats van zes, zeven halve sets enkele volledige optredens te kunnen zien op deze Le Guess Who? May Day. Een May Day die zeer aangenaam, zonnig en gezellig begint aan de Utrechtse Voorstraat voor Le Mini Who, waar tal van Nederlandse bands optreden, afkomstig van de label als Subroutine en Snowstar Records.

Dus past de warme slowcore van LUIK opeens uitstekend bij de snel oplopende temperaturen in Plato, terwijl Port Of Call enkele aangename akoestische liedjes speelt in een café verder op. Ook Bombay Show Pig zien we nog in een kleine, semi-akoestische setting in café De Voortuin, muciserend naar straat en terrasje toe. Waarbij overigens blijkt dat ook een op plaat loeihard nummer als Wires akoestisch overeind blijft. Maar ook is er plek voor andere verrassingen: een sessie in de vroege middag van Sharon Van Etten bijvoorbeeld, die bovendien gezelschap krijgt van Heather Broderick. Dat levert weer eens zo’n spannende samenwerking op waarnaar een festival als Le Guess Who? juist continu op zoek is.

Daarnaar, en naar dé bijzondere 'indie'-artiesten van het moment natuurlijk, wat een oprecht spannende affiche oplevert. Het avondprogramma kon eigenlijk ook niet beter geopend worden dan met dé eigenzinnige en muzikaal spannende dame van dit moment: Julia Holter uit Los Angeles. Om haar moeilijk te definiëren, elektronisch vormgegeven liedjes tot hun volste recht te laten komen en de concentratie van haarzelf én publiek te bevorderen, treedt zij op in de intieme Spiegelbar van Tivoli, waar stoeltjes zijn neergezet. Alleen is ze niet: twee heren op drums en cello staan haar bij, en heel knap en effectief ook, zo blijkt al snel.

Heel, héél eventjes dreigt de ongrijpbare magie van Holter's nieuwste album Ekstasis een pietsje verbroken. Want opeens staan er drie wel heel 'aards' ogende muzikanten pal voor je neus en opeens zie je hoeveel van die op plaat moeilijk thuis te brengen klanken uit één keyboard kunnen komen, terwijl Holter als aan je mooie girl next door doet denken. Maar al snel trekt ze de luisteraars in een warme zaal haar eigen wondere wereld in, haar tekstflarden zingend met flink wat galm op de stem, is na enkele nummers is daar op slag dezelfde mysterieuze schoonheid van de plaat. Schoonheid van het soort die de gemoedstoestand langzaam maar zeker overneemt en je in een lichte trance brengt, geholpen door de snel oplopende temperatuur in het zaaltje.

Ekstasis naspelen doen Holter en haar begeleiders intussen allerminst. De grote rol voor afwijkende cellopartijen blijkt een knappe aanvulling op de plaatversies van Mariënbad of Our Sorrow, soms gedrenkt in reverb en subtiel gesampled. De drummer stelt zich hierbij heel subtiel volledig in dienst van Holter's ingenieuze, wonderschone geluidsconstructies, wat betekent dat hij soms minutenlang niets te doen heeft voor een enkele vreemde break.

Het prachtige Moni Mon Amie voert Holter solo uit, enkel op elektronische piano: alleen hier mist door de afwezigheid van synths, de prachtige belletjesmelodie van de plaat en drums even de finesse van de studioversie. De bezwerende finale van het met drones volgestopte titelnummer Ekstasis is hierna echter adembenemend, waarna de afsluiting zowaar toegankelijker en bíjna poppy is met Godless Eyes  (“I can see you but my eyes are not allowed to cry”) en The Same Room. Prachtig optreden, dat bovendien belooft dat Holter tot nog veel meer even spannende als prachtige experimenten in staat kan zijn, in wie weet wat voor live-bezettingen nog in de toekomst. Welke muziek zou er verder nog in haar hoofd rondspoken?

Lang niet zo baanbrekend, maar nog altijd goed voor een gedegen optreden vol mooi gezongen liedjes met hoog oplopen emoties: Sharon Van Etten. Zij heeft een hechte begeleidingsband bij zich om de voller klinkende liedjes van nieuwste plaat Tramp goed tot hun recht te laten komen, met tegen het einde een bevlogen uitvoering van Leonard. Maar helemaal alleen maakt de New Yorkse halverwege de set misschien nog wel weer indruk, zoals ze kwetsbaar en krachtig tegelijk Much More Than That zingt voor een muisstil Tivoli, van haar debuut Because I Was In Love. Hier blijven de soms wat overdadig huilerige uithalen achterwege, waar de liedjes op Tramp nogal bol van staan. Een mooi intiem moment dus, maar het The National-achtige Serpents als andere kant van de medaille pakt live nog sterk uit als een dynamische rocksong met weerhaken. Imponered slot.

De zware dobber in Tivoli van de avond is vervolgens Moonface, een van de alter ego's van Spencer Krug (Wolf Parade, Sunset Rubdown) die voor zijn mieuwste plaat samenwerkte met de Finse band Sinaii. Dat album verraadde bij vlagen weergaloos dat Sinaii een psychedelische rockband is die z’n vak verstaat, live bewijst dit kwartet muzikanten dit dubbel en dwars. Krug maakte voor dit project grootse, zich vaak traag voortslepende nummers, die dus ook dit optreden de overhand hebben. Die staan eigenlijk los van fel rockende single Teary Eyes And Bloody Lips, een erg goed liedje dat hier zelfs vroeg in de set eigenlijk wat uit toon valt.  Afwisselend traag slepen en razen, daar gaat het hier om vanavond, al klinken de drums een enkele keer zo hard en log dat het juist ten koste gaat van de meeslependheid van een enkel minder nummer halverwege.

Wat hierin wel helpt: die zeer herkenbare, huilerige stem van Krug, die door de jaren heen steeds beter is gaan zingen. Zijn melodieën trekken een traag, heerlijk groot klinkend stuk als Heartbreaking Bravery live net naar dat hogere plan. Voor wie tijdens de set nietsvermoedend Tivoli binnenkomt, zal het plaatje er niet heel uitnodigend uitzien. Krug en zijn band staan nagenoeg het hele optreden in het duister – gezichten zijn amper te zien -, terwijl de geluidsmuur langzaam en oneindig doordreunt.  Maar wie wel volgt hoort tegen het einde nog een verpulverende rocksong genaamd Yesterday’s Fire en de intense finale van de plaat: Lay Your Cheek On Down. Taaie kost, Moonface With Sinaii, maar de doorbijters werden beloond.

Al opvallend snel hierna op de planken –kwartiertje! –: Cloud Nothings, ofwel dé band waar veel May Day-bezoekers het meest naar uitgekeken zullen hebben. Nieuwe plaat Attack On Memory liet al een indrukwekkende en soms meedogenloze transformatie horen van rammelpop naar gemenere punkpop met toefjes noise, jaren negentig grunge en emo à la Sunny Day Real Estate. Ofwel: toen dat woordje nog niet stond voor modegrillen, rottige kapsels en overdadig make up-gebruik. Maar live herken je deze band rond de bebrilde Dylan Baldi op links écht helemaal niet meer terug. Een leuk doch richtingloos potje rammelpunkpop van het lichtste soort was het ruim een jaar geleden op FabrIQ in Den Bosch, maar hier in Tivoli staat plots een behoorlijke strakke, intense en gesjeesde volbloed rockband te spelen.

Het publiek houdt zich na een sterke opening met Fall In en Stay Useless nog even in. Maar eerst maakt de door een hevige bak herrie ingeleide, opgefokte instrumental Separation al wat los, waarna de moshpit definitief los gaat bij prijsnummer Wasted Days. De negen minuten van de plaat worden er live een compromisloze víjftien (of nog wat meer). Respect voor de drummer die zolang onverstoorbaar door jakkert, terwijl Baldi en zijn bandmaten na de nog melodieuze opening een spectaculaire, briljant opgebouwde bak gitaarnoise van tien minuten opentrekken. De schor geschreeuwde ‘I thought I would be more than this’-finale maakt het af: Willis Earl Beal gaf even verderop een trap in het gezicht van een zwerver, maar Cloud Nothings schopt hier heel Tivoli eventjes frontaal in de smoel.

In dat licht is een ‘gewoon’ liedje als Cut You na zo’n optater wat flets. Dat goddelijke Wasted Days-kwartier had aan het slot van de set mogen zitten, al is ook een einde met tragere, agressieve rockers No Sentiment en dat merkwaardig dreigende No Future/No Past nog steeds zalig. Niks ouds meer? Nee, Cloud Nothings 1.0 is dood en dus is het na drie kwartier en de hele nieuwe plaat goed zo. Wat ronduit héérlijk dat er dit jaar weer eens zo’n opwindende rockband is die op deze manier een hattrick van drie Nederlandse clubs heeft platgespeeld (ook Vera en Effenaar geloofden er dit weekend aan, aldus de tamtam). What’s next?

Awel, in ieder geval eind dit jaar  een volgende, volwaardige Le Guess Who?-editie van vier dagen lang, van donderdag 29 tot en met zondag 2 december. Mooi aansluitend op ATP-achtige feestjes aan de andere kant van het Kanaal. Dat feit plus het programma van deze May Day doen je al zeker weten: dat moet straks wel weer een prachtige vierdaagse van spannende oude en nieuwe bands opleveren.

Momentje, de reacties worden opgehaald...

Reageer
Je reageert op ..
Van




Inhoud