recensie, aaa-list

Review: De Staat - Machinery

De Staat - Machinery

Alleen al op basis van het eerste overrompelende kwartiertje van nieuw album Machinery verdient Nijmeegse rockband-met-eigen-twist De Staat een plekje in onze eigen beste-album-eregalerij die de Triple AAA List heet. Het is alweer een tijd geleden dat we een rockplaat zo vlammend uit de startblokken hoorden schieten, dankzij Ah, I See. Een energiestoot beginnend met een oerkreet, stompende drums en een simpele doch zeer vinnige gitaarriff, met daarna dreigende wilde mannen-zang en een weird autotoeter-stuk, waarop het in de eigen bolide vast goed meetoeteren is.

Amper bijgekomen van deze rechtse tik, is daar meteen nog een harde linkse in de vorm van die gemene, onontkoombare monstergroove Sweatshop, met de gitaaruithalen op precies het juiste moment, catchy tekst zonder dat het een écht liedje is en extra opgepeperd door Routines-zangeres Kelly met vet Amerikaans accent. Na dat extreem zelfverzekerd stompende geweld verrast De Staat-frontman Torre Florim opeens met een opmerkelijk mooi gezongen, herfstig pópliedje met strijkers genaamd I'll Never Marry You.

Een geslaagd rustpunt dat niet lang duurt, met de krankzinnig energieke bluespunk inclusief zware elektronica en kneiterhard opgenomen drums in muzikaal bloedbad Old MacDonald Don't Have No Farm No More. Het klinkt door een spervuur aan commando's en oerkreten gevaarlijk en als honderd procent pure rock 'n roll, waarbij de testosteron - en toch met een knipoog - uit je speakers spat.

Een briljante en bovendien best gewaagde opening zodoende op de tweede plaat van De Staat, dat na het door Florim zelf in elkaar gesleutelde debuut Wait For Evolution vooral een échte, veel voller en vetter klinkende bandplaat is geworden - dat had u wellicht al begrepen -, met zo te horen ruimte zat voor ideeën van de overige bandleden. Goed om te horen: het belangrijkste commentaar op het toch niet misselijke Wait For Evolution was immers hooguit dat de songs wat dikker, minder demo-achtig hadden mogen klinken. Desalniettemin was iemand als stonerkoning Chris Goss onder de indruk van de band, zeker live. Niet voor niets zit de Staat nu dan ook bij diens eigen Cool Green Recordings.

Tot zover de feitjes, want is de koek op Machinery na dit openingssalvo van vier absolute voltreffers vergeven? Zeker niet, maar zó briljant wordt de plaat in de overige zeven nummers niet meer. Wel nog steeds goed, grillig en spannend tot heel goed, vaak met succes zoekend naar een eigen geluid en afrekenend met nadrukkelijke invloeden van het twee jaar terug veel in een adem genoemde Queens of the Stone Age. De flirts met Prince-achtige funk in het met kopstem gezongen I'm A Rat zijn verleidelijk, Psycho Disco is de toegankelijker, speelsere rocker op de plaat, terwijl de fonkeling van het begin weer even terugkeert in de even zompige als ruige en trage bluesgroove Rooster Man.

De momenten dat geëxperimenteer met trage of onregelmatiger maatsoorten en hier tegenin jakkerende gitaren de overhand krijgen, zijn net wat minder geslaagd: Keep Me Home en Serial Killer klinken nog wat gezocht en in zekere zin niet helemaal 'af'. De machinale drums van Tumbling Down schudden je flink door elkaar, maar daar is intussen wel de complete song op gebouwd. Wellicht dat die nummers straks op het podium nog verder uitgebouwd worden, iets waar de meeste nieuwe songs van De Staat zich sowieso perfect voor lenen en wat met het materiaal van het debuut ook zat gebeurde.

En zo rekt De Staat de grenzen van het op plaat numero twee al volstrekt eigen geluid al flink op. Met als laatste troef nog het aanzwengelen van die wonderlijke machine die de hoes siert en de logische aanzet is tot de plaattitel. Het ingenieuze geluidsapparaat is ontworpen door 'audiomachinist' Geert Jonkers en gebruikt in de getormenteerde, Tom Waits-achtige hakketakgroove Back To The Grind, waar Machinery wat 'moeilijk' doch spannend mee afsluit.

De overdondering van de opening mag rond die tijd wat weggeëbt zijn, maar de eerste helft van Machinery bevat al met het grootste gemak de beste eigenwijze en flink om zich heen maaiende rock 'n roll die we in lange tijd hoorden, laat staan van Nederlandse bodem. Met nu al zat aandacht vanuit het buitenland, kan De Staat de komende maanden wereldwijd zomaar eens ver komen. Op naar absolute heerschappij.

De Staat tourt in april langs enkele Nederlandse clubs, mét de machine van Jonkers (zie in deze video hoe dat er uit ziet), maar eerst is Engeland aan de beurt. Daarna is het wachten op festivaldata. Data:

6 Apr 2011 Barfly, Camden, London
7 Apr 2011 The Deaf Institute, Manchester
8 Apr 2011 Bodega Social Club, Nottingham
9 Apr 2011 Thekla, Bristol

14 Apr 2011 Tivoli, Utrecht
15 Apr 2011 Off Corso, Rotterdam
16 Apr 2011 Atak, Enschede
21 Apr 2011 Vera, Groningen
22 Apr 2011 Melkweg, Amsterdam
23 Apr 2011 Hedon, Zwolle
29 Apr 2011 Effenaar, Eindhoven

  • Joris op za. 5 maart 2011, 15:52 uur


comments powered by Disqus